Maarten Boudry presenteert zich in NRC graag als ‘een progressief, geen rechtse bekeerling.’ Laten we dat factchecken. Wie zijn werk leest, zijn X-account volgt en zijn bronnen natrekt, ziet een ander beeld opdoemen. Niet dat van een onafhankelijke denker die de verlichting verdedigt tegen extremen aan beide zijden, maar dat van iemand die zich behendig in het midden positioneert, terwijl zijn pijlen vrijwel uitsluitend naar links wijzen.
Begin bij zijn X-account. Wie meeleest, ziet een patroon: linkse stellingen krijgen er stevig van langs en de retweets en gelinkte stukken voeren consequent naar ultrarechtse artikelen. Lees vervolgens zijn boek Het verraad aan de Verlichting en het patroon herhaalt zich. Boudry wil het redelijke midden zijn, maar valt vooral links aan. Extreemrechts krijgt af en toe een tik mee, vooral als afleidingsmanoeuvre, lijkt het.
Omdat iedereen subjectief is, liet ik ChatGPT zijn boek analyseren. Het resultaat liegt er niet om: ‘Op basis van de structuur, thematiek en voorbeelden in het boek lijkt ongeveer 70 à 80 procent van de kritiek gericht op progressief links, en ongeveer 20 à 30 procent op rechts, conservatieven en reactionaire stromingen.’ Dat past naadloos bij Boudry’s centrale these: het boek gaat expliciet over een ‘verraad’ van de verlichting door progressieven zelf. Hij stelt dat tegenwoordig vooral progressieven het vooruitgangsdenken aanvallen, niet conservatieven.
Het notenapparaat bevestigt het beeld. Ongeveer 35 tot 50 procent van de voetnoten verwijst naar centrumrechtse, liberale of anti-progressieve bronnen die links bekritiseren. Slechts 5 tot 15 procent verwijst naar expliciet linkse bronnen die rechts aanvallen. ChatGPT vat het scherp samen: ‘Wat opvallend is: wanneer rechtse denkers geciteerd worden, gebeurt dat vaak ondersteunend of instemmend; wanneer linkse denkers geciteerd worden, gebeurt dat vaak polemisch of kritisch. Omgekeerd — voetnoten waarin expliciet linkse auteurs rechts aanvallen en waarbij Boudry zich daarbij aansluit — zijn relatief schaars.’
Een voorbeeld. Toen Zuid-Afrika een rechtszaak tegen Israël aanspande wegens genocide, viel Boudry het land aan met een ad hominem: het zou corrupt zijn. Om zijn punt kracht bij te zetten, citeert hij de dissenting opinion van rechter Julia Sebutinde. Alleen verwijst zijn voetnoot helemaal niet naar haar dissenting opinion in de genocidezaak, maar naar haar opinie in de ICJ-adviesopinie over de Israëlische bezetting. Blijkbaar heeft Boudry Sebutinde’s opinie niet gelezen.
Want wie is Sebutinde? Onder juristen staat ze bekend als uitgesproken partijdig pro-Israël, gedreven door christen-zionistische overtuigingen. In de genocidezaak ging ze verder dan de Israëlische rechter zelf. Tegen een gezelschap evangelicals zei ze: ‘Er zijn nu ongeveer 30 landen tegen Israël… de Heer rekent erop dat ik aan de kant van Israël zal staan. De hele wereld was tegen Israël, inclusief mijn land.’ Over de kritiek op haar pro-Israëlische vooroordelen zei ze: ‘Dergelijke gevoelens kunnen alleen uit de put van de hel komen.’ Ze ziet de oorlog in Gaza als een teken van de bijbelse Eindtijd: ‘Ik heb een zeer sterke overtuiging dat we in de Eindtijd zijn. De tekenen worden getoond in het Midden-Oosten. Ik wil aan de juiste kant van de geschiedenis staan.’
Erger nog: Sebutinde plagiëerde grote delen van haar dissenting opinion in de Palestina-adviesopinie uit ultrarechtse Israëlische bronnen. Ze leunt zwaar op een artikel van Abraham Bell en Eugene Kontorovich, prominente leden van het Kohelet Policy Forum, de denktank achter de Israëlische gerechtelijke hervormingen van 2023 en pleitbezorger van wetgeving om nederzettingen op Palestijns privéland te legaliseren. Kontorovich woont zelf in een illegale nederzetting en bedenkt juridische constructies waarmee kolonisten Palestijns land kunnen inpikken. In het standaardwerk Occupation in International Law van Eliav Lieblich en Eyal Benvenisti worden Bell en Kontorovich slechts in een voetnoot vermeld om hun bestaan te erkennen. Veel juridische werken negeren hen volledig. Het zijn, om het maar zo te zeggen, de wappies van het volkenrecht. Toch gebruikte Sebutinde hun argumenten om haar juridische redenering op te bouwen.
En precies naar zo’n artikel van Kontorovich linkte Boudry óók op X instemmend. Daarmee toont hij dat hij onvoldoende kennis van het volkenrecht heeft om onderscheid te maken tussen relevante juridische bronnen en quatsch. ‘Wel heb ik me als wetenschapsfilosoof jarenlang verdiept in pseudowetenschappen en weet ik hoe je een pseudowetenschappelijke theorie het makkelijkst kunt herkennen,’ schrijft Boudry in zijn boek, maar dat geldt niet voor pseudojuridische argumenten.
Daarnaast plagiëerde Sebutinde de webpagina van de Israëlische VN-missie in Genève, argumenten van Mitchell Bard, directeur van een pro-Israëlische lobbyorganisatie, uit materiaal van PragerU, een christenzionistische ultraconservatieve propagandamachine. Zij plagiëerde ook een blogpost van Douglas Feith op de site van het neoconservatieve Hudson Institute. Feith speelde een cruciale rol in het document ‘A Clean Break: A New Strategy for Securing the Realm’ geschreven voor Benjamin Netanyahu, dat een agressiever Israëlisch buitenlandbeleid adviseerde.
Dit zijn de bronnen waar Boudry’s ‘verlichting’ op rust. Wie zich progressief noemt maar bouwt op deze fundamenten, verraadt niet links, hij verraadt de verlichting zelf.
Geredigeerd door Pascale Esveld
Be First to Comment