Skip to content

Category: Beste Blogs

Adieu Vrije Wil, we zullen je niet missen!

Daan Evers en Niels van Miltenburg halen in een column in de Volkskrant uit naar Dick Swaab en zijn stelling dat er geen vrije wil bestaat. Maar hun argument is een rits drogredenen.

Zij doen onderzoek naar vrije wil en toch zijn ze niet in staat de resultaten van hun onderzoek te vertellen, noch noemen zij geen enkel ander wetenschappelijk onderzoek, dat vrije wil aannemelijk zou maken. Omdat die onderzoeken niet bestaan.

Drogredenaar Martin Bosma (004)

Martin Bosma gebruikt in zijn boek[1] een aantal autoriteitsdrogredenen (ad verecundiam). Ik zal vandaag één van deze drogredenen bespreken. Het gaat om één van de openingscitaten van het boek, afkomstig van Ronald Reagan: “Het probleem met onze linkse vrienden is niet dat ze dom zijn, maar juist dat ze te veel dingen denken te weten die helemaal niet waar zijn.”[2] Ik zal eerst de ad verecundiam uitleggen en daarna Reagan’s citaat bespreken.

“Er is sprake van argumentatie op basis van autoriteit als een uitspraak wordt verdedigd door te wijzen op het feit dat een gezaghebbende persoon of instelling hem onderschrijft:
A zegt dat P
Dus: P”[3]

Realistisch zijn over Ybo Buruma

Rechters liegen; hebben de Amerikaanse legal realists ons in de jaren ’20 van de vorige eeuw verteld. Rechters beslissen rechtszaken volgen hun eigen privémotieven en daarna vissen ze in het wetboek naar de wetten die bij hun beslissing passen. Aan de hand van deze wetten fantaseren ze een juridisch verhaal. En wij trappen daarin.

Realisten adviseerden ons om onze naïviteit over de rechtelijke beslissingen over boord te gooien en de rechtspraak op dezelfde manier te bestuderen als de empirische wetenschappen de fysieke werkelijkheid. Ondanks het feit dat ze armchair metaphysics’’ en “transcendental nonsense”1 verafschuwden, hebben realisten zelf geen onderzoek gedaan en baseerden ze zich nog steeds op hun eigen, of van opbiechtende rechters afkomstige intuïties.

Opiniestukken als oplichting en roof

Opiniestukken bevatten veel te veel drogredenen. Dat heeft twee nadelen: het belemmert de maatschappelijke vooruitgang en tast gerechtvaardigde belangen van individuen of groepen aan.

Wat is een drogreden?
Een drogreden is slechts een denkfout, al dan niet opzettelijk. Het is een premisse (veronderstelling) of argumentatiestap (bewering), irrelevant voor de beoogde conclusie. Neem bijvoorbeeld het volgende argument:

Pietje: Je moet me 10.000 euro geven.
Jantje: Hoezo?
Pietje: Omdat het gras groen is.
Jantje: Nou en? Waarom is de graskleur relevant?

Drogredenaar Martin Bosma (003)

Martin Bosma vertelt ons op pagina 7 dat hij heel goed kon leren. Nou ja, niet direct, want dat is een beetje verdacht, maar dat is wat zijn ‘geletterde’ vrienden over hem vertellen.[1] Dit is een retorische truc om ethos te bewerkstelligen. Maar dat geeft ons meteen de kans om Bosma aan de standaarden van zijn wetenschappelijke studies (politicologie en sociologie) te houden. En één van deze standaarden is dat de beste bronnen de primaire bronnen zijn. Als ik Pietje citeer aan de hand van wat anderen hebben gezegd dat hij zou hebben gezegd, dan is dat bij voorbaat minder betrouwbaar dan een direct citaat. Slechts als het oorspronkelijke citaat ontoegankelijk is, kunnen we tweedehands citaten gebruiken. Want we weten allemaal wat de resultaten zijn van het fluisterspelletje.

Drogredenaar Martin Bosma (002)

In zijn boek schrijft Martin Bosma het volgende:

“Geert was ook een van de eersten in de politiek die het gevaar van het islamitisch terrorisme inzagen. Hij had naam gemaakt door te zeggen dat hij de ‘hoofddoekjes rauw lust’. Geweldig. En ook nog eens een pro-Israël-hardliner – wat wil een mens nog meer. Belezen, bereisd en iemand die zijn hand niet omdraait voor een soeraatje meer of minder. Het had hem overal vijanden opgeleverd. En had Churchill niet gezegd: ‘You have enemies? Good. That means you’ve stood up for something, sometime in your life.’”[1]

Drogredenaar Martin Bosma (001)

In zijn boek schrijft Martin Bosma het volgende:

“Naast gelegitimeerd doden en het gebruiken van geweld, kent de islam het unieke concept van ‘takkiya’. Takkiya betekent letterlijk ‘het ware doel verbergen’: de islam moedigt aan te liegen over de ware bedoelingen als de intentie is de islam te versterken. Volgens het AIVD-rapport Van Dawa tot Jihad (2004) is het concept ‘takkiya’ onverenigbaar met de westerse waarden en normen. De geheime dienst gaat ervan uit dat takiyyagerelateerde handelingen structureel – ook op een breder vlak – worden toegepast. De AIVD komt tot de conclusie dat dit traditionele concept door stromingen binnen de islam zo wordt uitgelegd dat men doelbewust liegt en samenzweringstheorieën bedenkt.”[1]

Drogredenaar Geert Wilders (002)

In een debat in de Tweede Kamer heeft Wilders het volgende gezegd:

“Wij hebben gezegd dat een moslim taqqiya kan plegen. Wij hebben daarbij gezegd dat het zeker niet zo is dat iedere moslim taqqiya pleegt. … Wij hebben gezegd: het kan. Zodra een moslim taqqiya pleegt — dat is inderdaad soms zelfs een gebod in de islam — betekent dit dat hij redenen kan hebben om niet de waarheid te vertellen. Een moslim die vindt dat homoseksualiteit niet deugt, zegt dat niet als hij daarnaar gevraagd wordt, omdat hij bang is dat hij vervolgd wordt of omdat het maatschappelijk onacceptabel is, terwijl hij dit misschien wel vindt. Het is gesimplificeerd, maar dit is taqqiya. Een moslim kan dit doen, maar dat wil niet zeggen dat een moslim dit ook doet.”[1]

Ik wil vandaag suggereren dat het gebruik van het woord ‘kunnen’ een ambiguïteitsdrogreden is, die Wilders een onverdiend voordeel verleent en zijn opponenten met een onterecht nadeel opzadelt.

Drogredenaar Geert Wilders (001)

In een debat in de Tweede Kamer heeft Wilders het volgende gezegd:

“Wilders: Wij hebben gezegd dat een moslim taqqiya kan plegen. Wij hebben daarbij gezegd dat het zeker niet zo is dat iedere moslim taqqiya pleegt. … Wij hebben gezegd: het kan. Zodra een moslim taqqiya pleegt — dat is inderdaad soms zelfs een gebod in de islam — betekent dit dat hij redenen kan hebben om niet de waarheid te vertellen. Een moslim die vindt dat homoseksualiteit niet deugt, zegt dat niet als hij daarnaar gevraagd wordt, omdat hij bang is dat hij vervolgd wordt of omdat het maatschappelijk onacceptabel is, terwijl hij dit misschien wel vindt. Het is gesimplificeerd, maar dit is taqqiya. Een moslim kan dit doen, maar dat wil niet zeggen dat een moslim dit ook doet.

Femke Halsema: En wanneer weet u dat?

Wilders: Het grote probleem is dat je dat nooit weet.”[1]

Over dit debat wil ik een paar blogs schrijven en de drogredenen van Wilders bloot leggen. Hey jij, lezer, niet zeiken dat ik de drogredenen van Halsema over het hoofd zie.

Drogredenaar Arend Jan Boekestijn (007)

Als een historicus een citaat in het Latijn produceert – de taal van die leuke antieke oneliners – boezemt dat bij mij ontzag in. Ik ben immers niet zo intelligent om die taal te kennen. Hetzelfde gebeurde toen ik Boekestijn’s twitter las: “Ius potentia definitur schreef Spinoza. Recht wordt door macht bepaald.” Kijk, dacht ik, hier komt een groot man; hij schrijft een column of twittert en op het moment dat hij iets wil vertellen, herinnert hij zich dat hij Spinoza had gelezen en essentiële citaten in zijn privékaartenbak heeft bewaard. Hij trekt de juiste kaart op het juiste moment uit. Of hij kent Spinoza uit zijn hoofd.

Drogredenaar Arend Jan Boekestijn (006)

“Toch is internationaal recht onvolkomen. Zo is zowel de universaliteit als de afdwingbaarheid problematisch. Mensenrechten worden in China heel anders beoordeeld dan bij ons. De universaliteit is dus een serieus probleem.”

Boekestijn gebruikt de stellingen hierboven ter ondersteuning van zijn houding dat Israël niet verplicht zou zijn om Internationaal Recht (IR) te respecteren. Dat hebben we in zijn nieuwste column “Recht is macht” gelezen. Vandaag zal ik suggereren dat het universaliteitsprobleem Israël geen vrijheid geeft om IR te schenden.

Het is absoluut waar dat in de wereld verschillende opinies bestaan over de regels van IR. Nou en?

Drogredenaar Arend Jan Boekestijn (005)

Spinoza wees er al op dat recht uiteindelijk berust op macht. Internationale spelregels worden in hoge mate bepaald door de machtigste landen, die immers bij het opgeven van het recht van de sterkste veel te verliezen hebben. Net zoals nationaal recht een product is van nationale machtsverhoudingen, is internationaal recht een resultante van internationale machtsrelaties.”

Boekestijn gebruikt de stellingen hierboven ter ondersteuning van zijn houding dat Israël niet verplicht zou zijn om Internationaal Recht te respecteren. Dat hebben we in zijn nieuwste column “Recht is macht” gelezen. De stelling is niet nadrukkelijk aanwezig in zijn column, maar zij volgt daar noodzakelijk uit. Van Agt zegt dat Israël Internationaal Recht moet respecteren en Boekestijn valt zijn argument aan, dus volgt daaruit dat Boekestijn het oneens is dat Israël Internationaal Recht moet respecteren.

Drogredenaar Arend Jan Boekestijn (003)

“En waarom erkent Van Agt niet dat de muur tussen Israël en de Palestijnse gebieden Israëlische levens redt?”, vraagt Boekestijn retorisch in de columnOntaarde regimes”. Deze simpele vraag komt in aanmerking voor drie drogredenen: de post hoc, de red herring en de stroman.

Post hoc ergo propter hoc
Een debater maakt deze denkfout door te veronderstellen dat een gebeurtenis A, die eerder plaatsvindt dan gebeurtenis B, ook de oorzaak van B is. Het staat inderdaad vast dat na het bouwen van de Israëlische barrière, het aantal aanslagen drastisch is afgenomen. Het is maar de vraag of de barrière de oorzaak is van deze daling.

Drogredenaar Arend Jan Boekestijn (002)

In het eerste stuk over de columnOntaarde regimes” heb ik gesuggereerd dat Boekestijn zijn stuk met een cirkelredenering begint. Meteen daarna krijgen we drie andere twijfelachtige zinnen:

“Hoe komt het dat zo’n groot man zulke eenzijdige standpunten over Israël inneemt? [1] Op zijn website verdedigt hij bijvoorbeeld de stelling dat Israël geen democratie meer is. [2] Over het Syrische tekort aan democratie lezen wij niets. [3] Waarom is Van Agt niet in staat om de ware aard van een regime te doorgronden?”

Vandaag wil ik zin 1 en 2 behandelen.

Drogredenaar Arend Jan Boekestijn (001)

Arend Jan Boekestijn schreef een column in Elsevier, met de titel “Ontaarde regimes”, met een overmatig aantal drogredenen. Ik wil in een aantal blogs het argument in zijn column ontrafelen en deze drogredenen aan het licht brengen.

De hoofdstelling (de conclusie) van Boekestijn is dat “zolang Hamas en Assad niet veranderen, zal het vredesproces [in het Midden-Oosten] mislukken.” De column beperkt zich echter niet tot het onderbouwen van deze stelling, maar spendeert een overmatige hoeveelheid tijd aan de fouten van Dries van Agt. Vooral deze zijstap produceert de meeste drogredenen.

Ik zal je vermoorden, maar ik heb goede argumenten

Waar gebeurd verhaal
Het was een schitterende ochtend in september. De zuivere, scherpe lucht wekte je longen, de zilvergouden zonnestralen beloofden je lichaam voor de rest van de dag met levensenergie te vullen. Geen enkele bries bewoog de weinige, nog aan de takken hangende goudbruine bladeren.

Dokter Goldenberg veegde de gevallen bladeren op de oprijlaan, bij elkaar en maakte een hoop voor verbranding, later op de dag. Het geknerp van zijn voetstappen door de bladeren leek de vogels, die misleid waren door het mooie zomerse weer, niet te storen in hun gezang.

Uit de verte hoorde dr. G. eerst de hoeven van een paard op de harde ondergrond: klok, klok, klok, klok. Langzamerhand werd dit geluid door de onmiskenbare klank van kinderstemmetjes vergezeld,  kinderen die met elkaar ontzettend veel lol hebben. De kar reed langs en zijn twee dochters riepen dr. Goldenberg: “Papa, papa kijk eens!”

Mensenrechter Giovanni Bonello is mijn Superhero.

De staat is de natuurlijke vijand van het individu. Daarom moet het individu middelen hebben om de staat te temmen, zoals uitgebreide mogelijkheden om staten bij internationale rechtbanken te kunnen aanklagen. Op 7 juli 2011 heeft Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) een uitspraak gedaan in de rechtszaak Al-Skeini v. UK. Maltese Rechter Giovanni Bonello heeft een prachtige concurring opinion geschreven, een pleidooi voor een vergroting van de macht van het individu op de staat.

Ik wil hieronder een drietal dingen doen:

  • Ik zal in het kort beschrijven waar deze rechtszaak om ging: Over de vraag of Irakezen onder Britse bezetting Groot-Brittannië bij EHRM kunnen aanklagen voor mensenrechtenschendingen.
  • Uitleggen wat jurisdictie is en hoe dat bij EHRM tot nu toe heeft gewerkt.
  • Bonello’s revolutionaire visie op jurisdictie weergeven.

Drogredenaar Amanda Kluveld (001)

Amanda Kluveld maakt in haar nieuwste column een aantal denkfouten. Een van deze drogredenen is een bevestiging van de consequens. Deze drogreden is in de volgende vorm:

Als X dan Y
Y
Dus X

Bijvoorbeeld:
Premisse 1: Als Pietje mijn portemonnee heeft gestolen dan bevindt die zich niet in mijn tas.
Premisse 2: De portemonnee is niet in mijn tas.
Conclusie: Dus Pietje heeft mijn portemonnee gestolen.

Debattrucs: de zelfmoordtorpedo

Een debat is een paradoxale zeeslag. Twee admiraals leiden twee vloten, met schepen van verschillende grootte, stootkracht, pantser en bewapening van verschillende effectiviteit. De deelargumenten zijn schepen. Een admiraal verdedigt een stelling op een tropisch eiland, met ongekende lekkernijen en schaars geklede, wilde dames. Hij probeert de stelling te versterken terwijl de andere admiraal, de opponent, de stelling wil vernielen.

Volgens ridderlijke eer schieten ze ieder op hun buurt op de schepen van de ander. En na een bloedige zeeslag kijkt men welk laatste schip van welke vloot blijft drijven. Als het een schip is van de verdediger, wordt de stelling gepresenteerd als minder kwetsbaar dan daarvoor. Als het een schip is van de aanvaller, mag deze de stelling triomfantelijk plunderen en een andere vesting in zijn plaats bouwen.

Drogredenaar Afshin Ellian (05)

In het laatste blog over de drogredenen van Afshin Ellian heb ik heel kort een aantal rapporten over Gaza aangehaald, om aan te tonen dat Gaza geen paradijs is. Het ging om een rapport van UNRWA, van 13 juni 2011 en een rapport van World Food Programme, van 22 juni 2011. Vandaag zal ik uitgebreid citeren uit een UNICEF rapport, over de waterveiligheid in Gaza. We zijn vertrokken van het volgende citaat van Afshin Ellian:

“De Gazavloot vaart richting Israël. Waarom eigenlijk? Komen de Palestijnen om van honger? Nee, ze hebben geen tekort aan voedsel. De winkels liggen vol.”

Vergelijk dit optimisme met de volgende citaten uit het UNICEF rapport van maart 2011:

Drogredenaar Afshin Ellian (04)

In zijn column over Antoine Bodar schrijft Afshin Ellian het volgende:

“De Gazavloot vaart richting Israël. Waarom eigenlijk? Komen de Palestijnen om van honger? Nee, ze hebben geen tekort aan voedsel. De winkels liggen vol. Er is ook geen blokkade meer. De Egyptische grens is al weken open.”

We weten niet waar Afshin Ellian zijn informatie vandaan haalt, maar de laatste tijd zijn er allerlei sites opgedoken, met vermoedelijk recente foto’s uit Gaza. Het onderstaande youtube filmpje is er een voorbeeld van:

Drogredenaar Afshin Ellian (03)

In zijn column over Antoine Bodar schrijft Afshin Ellian het volgende:

“Bij de herdenking van de Bolsjewistische revolutie in 1919 noemde Grigory Zinoviev de strijd tegen het kapitalistische westen ‘een jihad tegen imperialisme en kapitalisme’. Het is merkwaardig hoe de Bolsjewistische anti-democratische krachten zich bedienden van islamitische terminologieën.”

Het bovenstaande stuk tekst interpreteer ik als volgt: Ellian beweert dat ‘Bolsjewistische anti-democratische krachten’ zich van ‘islamitische terminologieën’ bedienden in hun normale omgang onderling, met elkaar. Bovendien suggereert de tekst dat de deze ‘krachten’ geïnspireerd zouden zijn door het extremisme en fanatisme dat wij gebruikelijk met het woord ‘jihad’ associëren. Daarmee suggereert Ellian dat ‘de linksige Europeaan’ een antisemitische fanaticus is. Ik meen dat het bovenste stuk tekst misleidend is.

Drogredenaar Afshin Ellian (02)

Afshin Ellian doet me denken aan een mop, die we elkaar vertelden onder communistische dictator Ceausescu. Een mop die in slechts één enkele zin de hele perversiteit van het regime beschreef: “De Roemeense en de Amerikaanse burger hebben dezelfde rechten; ze mogen allebei de Amerikaanse president bekritiseren.” Op dezelfde manier eist Ellian van Antoine Bodar dat hij slechts de officiële vijand bekritiseert, de islam en islamitische dictaturen, maar niet Israël. Vijf punten voor wie deze drogreden bij naam kan noemen.

Drogredenaar Afshin Ellian (01)

In zijn column van vandaag schrijft Afshin Ellian het volgende:

“De Arabische storm en de strijd tegen het Arabisch despotisme zijn een doorn in het oog van de linksige Europeaan.”

Afshin Ellian moet voorbeelden geven en namen noemen. Als we niet weten wie die “linksige Europeaan” is, dan is dit een stroman.

Daarna is de vraag hoe juist deze uitspraak is. Voor zover dat ik me herinner, was de mantra van den linkse rakkers dat de despoten in de Arabische/Islamitische landen door de V.S./het Westen in het zadel werden gebracht en gehouden. Hoeveel voorbeelden moet ik noemen? Noem een getal tussen 1 en oneindig. Ik zal een paar geven:

Volkskrant intellectueel blasé

Volkskrant heeft mijn onderstaand ingezonden stuk niet geplaatst. Daarentegen publiceerde VK twee bla-bla columns van Thomas von der Dunk en Stieven Ramdharie, over hetzelfde onderwerp. Give me a break guys. Je moet me niet vertellen dat deze stukken beter zijn dan het mijne.

Zij herkauwen banaliteiten en clichés, houden de lezers binnen veilige denkramen, zoals imampreken in een Afghaans dorp, waar nooit een auto is geweest. Hun stukken bevatten gossip en drogredenen. Mijn stuk is een onweerlegbaar rationeel argument, origineel, out of the box, afwijkend van het officiële dogma.

Ook de moeder van Paul Brill

Paul Brill produceert in zijn laatste column een bijzondere tu quoque. Het is bijzonder omdat het heel goed illustreert waarom deze drogreden een drogreden is. Hier komt het:

Achtergrond
Brill reageert op een kritische column in het dagblad Le Monde waar een groep anonieme “hoge Franse diplomaten de vloer aan[veegde] met het buitenlandse beleid van president Nicolas Sarkozy.” Deze (voormalige) diplomaten en hoge ambtenaren bekritiseren Sarkozy ook voor de steun aan de Arabische tirannen.

En hier komt de tu quoque:

“Maar wat het artikel in Le Monde vooral ongeloofwaardig maakt, is dat volledig voorbij wordt gegaan aan het feit dat de wel zeer hartelijke relatie met allerhande Arabische potentaten, die de regering-Sarkozy nu wordt nagedragen, haar oorsprong vindt in het beleid van vorige Franse presidenten. Op dit punt is er juist sprake van een grote mate van continuïteit. Zowel François Mitterrand als Jacques Chirac onderhield een nauwe band met Hosni Mubarak. Mitterrand was het eerste Europese staatshoofd dat Yasser Arafat officieel ontving, Chirac was dik met Abdelaziz Bouteflika van Algerije en toonde zich diep bedroefd toen Arafat overleed (waar anders dan in Parijs).”

Simon Admiraal en de omgekeerde wishful thinking

Simon Admiraal serveert ons de stelling dat ‘Tariq Ramadan wil omgekeerde integratie’ in een opiniestuk in de Volkskrant. Dit stuk is doorspekt met denkfouten en de stelling wordt op geen enkele manier hard gemaakt. Daarnaast toont het gebruikte materiaal evidente onjuistheden. Omdat ik toegang heb tot de Engelse versie van Ramadan’s boek “Western Muslims and the Future of Islam”, kon ik de enige twee aangeleverde “bewijzen” controleren op juistheid van vertaling en de context.

De stroman of de gladiool

Op het legendarische slagveld tussen Henk Krol en Tariq Ramadan verschijnt regelmatig een stroman met negen levens. Max Pam, Carel Brendel en Amanda Kluveld verslaan hem onvermoeid. Het doel van dit stuk is tweeledig. Eerst wil ik de onjuistheid aantonen van de citaten over homo’s, afkomstig van de ‘Gay Krant tapes’. Deze citaten ondersteunen niet de stelling dat Ramadan met twee tongen zou spreken. Vervolgens wil ik aantonen dat de bovengenoemde opiniemakers een stroman aanvallen. Zij gaan er aan het feit voorbij dat de dubbele tong niet bewezen is en hameren op de correcte vertaling van de bandjes.

Sex, Gays, and Muslimtape

Hardkoppig okkupasie

Pro-Israëlische debateerders op het internet beweren regelmatig dat de Westelijke Jordaanoever niet ‘bezet’ is, maar ‘betwist.’ Een van mijn argumenten dat deze gebieden bezet zijn, baseert zich op de uitspraken van het Israëlische Hooggerechtshof. Het Hof heeft namelijk in een behoorlijk aantal uitspraken gezegd dat deze gebieden ‘bezet’ zijn. Sterker nog, in bepaalde rechtszaken verdedigt de Israëlische regering haar handelingen zelfs met beroep op het argument dat ze bezet zijn. Dus de Israëlische regering geeft toe dat ze bezet zijn. Desondanks ontkennen onze debateerders tot de laatste druppel inkt dat het Hof dat zou hebben gezegd.

Een voorbeeld van een dergelijke debateerder is blogger E.T., die, naar zijn eigen zeggen, ‘14 jaar in een nederzetting in Jehuda weShomron, a.k.a. de betwiste gebieden’ woont. Ik wil hieronder een typische discussie tussen ons weergeven, met wat extra commentaar en een weerlegging van zijn stellingen.