Schooltas aan vlaggenstok

Door Mihai. CAT: Filosofie, Internationaal Recht, Politiek, Rechtbank voor Allen

Ik heb vandaag het masterdiploma in Wijsbegeerte ontvangen en we moesten een 5 minuut voordracht over het scriptieonderwerp houden. Daar komt ie:

De reuze roze olifant in de rechtszaal

Stel je voor dat je als Nederlandse burger in Koeweit ontvoerd wordt en wordt beschuldigd van het verspreiden van seksuele videobanden met daarop Sjeik Jaber Al-Sabah Al-Saud Al-Sabah. In de gevangenis van de veiligheidsdienst word je drie dagen lang in elkaar geslagen, gedwongen om valse verklaringen te tekenen en uiteindelijk vrijgelaten.

Eenmaal buiten ontvoert de Sjeik je opnieuw en brengt je naar het paleis van de broer van de Emir van Koeweit. Je wordt herhaaldelijk in een zwembad met lijken ondergedompeld, opgesloten in een kleine kamer, waar de Sjeik in olie gedompelde matrassen in de fik steekt. Terug in Nederland verblijf je voor zes weken in het ziekenhuis, je lichaam is voor 25% verbrand en dokters constateren dat je aan posttraumatische stress-stoornis lijdt.

Dit is niet de nieuwste James Bond film maar wat de Britse piloot Sulaiman Al-Adsani is overkomen.

De Britse regering wilde Al-Adsani niet helpen toen hij probeerde de Sjeik zelf of de Koeweitse staat aan te klagen. Al-Adsani ontdekte al snel dat het principe van (staats)immuniteit deze aanklacht in Britse rechtbanken onmogelijk maakte. Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens stelde de Britse rechtbanken in het gelijk. Grieks rechter Loucaides noemde dit een ‘travesty of law.’

Al-Adsani is slechts één enkeel voorbeeld van velen. En dat is wat ik in de scriptie beargumenteer: Individuen moeten de mogelijkheid hebben om naar internationale rechtbanken te stappen en daar staten aan te klagen. Individuen zouden moeten kunnen eisen dat staten dingen doen of laten en eventueel een schadevergoeding betalen.

De Gevangenen op Guantánamo Bay zijn een ander voorbeeld. Zij zouden de Verenigde Staten kunnen aanklagen, eisen dat ze een eerlijke rechtszaak krijgen of dat ze vrijgelaten worden.

De scriptie is verdeeld in een juridisch en een filosofisch argument. Het juridische argument zal ik jullie besparen.

Het filosofische argument

Denk aan de “original position” van John Rawls. Mijn filosofisch argument berust op een denkbaar ‘sociaal contract’, dat wij als vrije en rationele wezens met elkaar zouden afsluiten, abstraherend van onze toevallige huidige eigenschappen en situatie in de wereld.

Stel je voor dat we met elkaar zouden kunnen debatteren en onderhandelen, reeds vóór onze geboorte, of als we een nieuwe maatschappij op een onbewoond eiland zouden beginnen. Welke gedragsregels, wetten en instituties zouden we willen hebben?

Mijn stelling is dat we onder alle omstandigheden rechtbanken zouden oprichten. We zouden willen dat conflicten, die voor ons van levensbelang zijn, definitief worden opgelost door bindende uitspraken van derden, onafhankelijke en onpartijdige arbiters. Dit voor tenminste de volgende drie redenen:

Ten eerste willen we anderen, die machtiger, krachtiger en slinkser zijn dan wij, tot bepaalde handelingen kunnen dwingen, als zelfverdediging tegen hun willekeur en bedrog. We willen niet dat zij ons beroven, vermoorden, verkrachten of in slavernij drijven. We willen dat zij hun contracten respecteren. Zonder een rechtbank zouden de sterksten en de charlatans altijd het laatste woord hebben.

Ten tweede, we hebben een gebrekkig kennisvermogen. We kunnen anderen grote onrechten aandoen en onterecht geloven dat we onschuldig zijn. We hebben daardoor een morele plicht om ons aan een procedure of instantie te onderwerpen, die objectiever is dan wij zelf, om over de schuldvraag te beslissen. Hiermee willen we ook geweldsspiralen voorkomen.

Ten derde, ook anderen hebben een gebrekkig kennisvermogen. Iemand kan zich vergissen en toch oprecht geloven dat jij een misdaad hebt gepleegd of dat je een gevaar bent voor zijn leven; stel je bijvoorbeeld voor dat iemand per abuis gelooft dat je zijn vierjarige dochter hebt verkracht en vermoord. Je weet dat zo iemand jou iets verschrikkelijks aan kan doen onder de invloed van de sterke emoties van dat moment. En je wilt niet dat je met dat vergeldingsrisico voor de rest van je leven zal moeten kampen en voortdurend over je schouder moeten kijken. Je wilt veel liever dat een neutrale partij je vrijspreekt als je onschuldig bent. Vanaf dat moment wil je de zekerheid dat je niet meer vervolgd wordt door valse beschuldigingen.

Hieruit volgt dat als we ons tegen andere individuen via rechtbanken willen verdedigen dan willen we ons ook tegen groepen, bedrijven, internationale organisaties en staten verdedigen. Het is zelfs rationeler om een hele groep in een keer te kunnen aanspreken en tot bepaalde handelingen te dwingen. Dat betekent dat we ook in het Internationaal Recht over rechtbanken moeten beschikken om onszelf tegen de willekeur van staten te beschermen. Vooral als deze staten machtiger zijn dan die van ons.
Geredigeerd door Pascale Esveld