Honger goed voor je hersenen

Door Mihai. CAT: Geen categorie


Tot nu toe toonden de wetenschappelijke experimenten dat een ontbijtloze ochtend tot sterk gereduceerde mentale capaciteiten leed. Volgens een nieuw onderzoek van Tamas Horvath en zijn collega’s bij Yale Medical School, heeft een hormon dat honger produceert, ook positieve effecten op geheugen en leren.


Horvath injecteerde muizen met dit hormon, ghrelin genoemd, en ontdekte een verbetering van 30 tot 40 procent in de geheugen- en leerprestaties. Deze muizen hadden ook 30 procent meer verbindingen tussen de hersencellen.
Genetisch gemanipuleerde muizen, met minder ghrelin, hadden slechtere prestaties en de prestaties werden weer normaal na het injecteren van het hormoon.

"If you’ve got a big intellectual workload in the morning, it might be worth skipping breakfast," vertelt Horvath het blad NewScientist, een advies die in strijd met de tot nu toe wetenschappelijke wijsheid is.

Trackback from your site.

Comments (14)

  • christinA

    |

    Avatar van christinA
    Fijn, honger. Biafra, Ethyopie, Darfur.
    Men heeft weer ergens een geldknopje ontdekt?

    Reply

  • Mihai

    |

    Avatar van Mihai
    christinA

    Je moet de honger als intellectuele ontwikkelingshulp zien. We helpen ze een betere brein te hebben. Want die zwarten zijn toch dommer.

    Reply

  • christinA

    |

    Avatar van christinA
    weet je, je hebt me ff pissig gekregen, dus kheb ff gegoogled enzo, maar tis me de moeite niet waard.
    Laat maar.

    Reply

  • Mihai

    |

    Avatar van Mihai
    Wat is er schat?

    Reply

  • christinA

    |

    Avatar van christinA
    Over Horvath en de stelling enzo.

    Reply

  • Mihai

    |

    Avatar van Mihai
    Misschien heb ik het een beetje overdreven. Zijn onderzoek is nog niet op de mens toegepast en het artikel zegt dat het hormoon het geheugen en het leren zou kunnen verbeteren. Dus het artikel is veel genuanceerder dan mijn titel en de laatste uitspraak. In ieder geval, de link in het blad Nature Neuroscience, waar het oorspronkelijke artikel staat, werkt niet. Ik heb wel een PDF als je het zou willen.
    Horvaths’ speculatie is dat honger je dwingt om je mentale capaciteiten harder te gebruiken om voedsle te vinden. MAW is er daarover wat voor te zeggen.

    Wat ik weet is dat een dikke ontbijt, met veel wezels goed voor je mentale prestaties. Ook yoghurt, bonen, eieren en vis helpen daarbij.

    Reply

  • christinA

    |

    Avatar van christinA
    =Horvaths’ speculatie is dat honger je dwingt om je mentale capaciteiten harder te gebruiken om voedsle te vinden. MAW is er daarover wat voor te zeggen.=

    Dat ben ik eens met je, hij zou wel eens gelijk kunnen hebben, maar ik denk niet dat de term honger echt goed is, volgens mij is het de behoefte aan voedsel. Echte honger verlamt dacht ik juist veel, vooral mentale processen, omdat dan de focus op overleven komt te liggen.

    Reply

  • Mihai

    |

    Avatar van Mihai
    Ik denk dat het inschakelen van extra mentale krachten op het moment van honger, vanuit een evolutionair blik op twee manieren zou kunnen werken.

    (1) stel je voor dat je door toevallige genetische mutaties twee soorten dieren hebt. Een soort krijgt honger en denkt: “I don’t give a fuck”. Het tweede soort schakelt de hersenen in een hogere versnelling. Welnu het lijkt me dat het tweede soort meer kans heeft op een oplossing voor het probleem te vinden, en langer te overleven.
    (2) De experimenten toonden vooral aan dat je tijdens honger een beter geheugen/leervermogen hebt. Stel je weer twee soorten dieren voor. Een heeft honger, zoekt voor een tijdje, maar onthoudt niet hoe hij het eten heeft kunnen verkrijgen. De volgende keer dat ie in de puree zit, blijft net zo lang naar een oplossing zoeken. Het tweede soort dier, door het inschakelen van een geheugenmodule, onthoudt heel goed hoe men de eerste keer het eten heeft gevonden. De tweede keer, als het dier zich in hetzelfde situatie bevindt, vindt het dier veel sneller een oplossing. Ook in het tweede geval heeft het tweede dier een betere kans om te overleven.

    Reply

  • Qabouter

    |

    Avatar van Qabouter
    Mihai: Als je erover nadenkt is het biologisch gezien wel te begrijpen waarom bij honger-gevoel het geheugen extra geprikkeld wordt. Wanneer ga je namelijk op zoek naar eten, als je honger hebt. Dus het is voordelig om een gestimuleerd geheugen te hebben als je aan het ‘leren’ bent hoe je het beste aan voedsel kan komen.

    Daarnaast is het zeker geen tegenstrijdig advies. Het advies is namelijk dat op een enkele dag dat je in de ochtend zwaar intellectueel (leer)werk moet doen, je het ontbijt eens kan overslaan. Eerder onderzoek naar overslaan van ontbijt ging om een structureel overslaan, wat tot structurele ondervoeding leidt. Structurele ondervoeding gaat ten koste van hersenstructuur en activiteit.

    Je stukje is daarom té kort door de bocht en veel te suggestief.

    Reply

  • Mihai

    |

    Avatar van Mihai
    @Qabouter

    De allereerste link verweest naar een artikel waarin een onderzoek is gedaan van 1 dag per week voor drie weken lang. Het onderzoek concludeert dat vooral wezels een grote invloed op de mentale prestaties heeft. Maar, volgens mijn logica, geen ontbijt = geen wezels. En 1 dag per week voor drie weken is geen structurele test. Dus het lijkt me dat het enkele ontbijt (en niet het feit dat men 1 dag per week tijdens drie weken iets heeft gegeten) het effect heeft gehad.

    In het artikel zijn ook andere verwijzingen naar andere artikelen, die op het eerste gezicht hetzelfde sugereren, namelijk dat een enkele ontbijt (en het skippen ervan) een negatief invloed heeft op de prestaties, dus op de tegenovergestelde manier dan wat Horvath zei. Dut sugereert dat mijn stukje niet zo kort door de bocht was.

    Hier is een stukje van het artikel van mijn eerste link:

    “Results with 9 to 11 year-olds replicated previous findings showing that breakfast intake enhances cognitive performance, particularly on tasks requiring processing of a complex visual display. The results extend previous findings by showing differential effects of breakfast type. Boys and girls showed enhanced spatial memory and girls showed improved short-term memory after consuming oatmeal. Results with 6 to 8 year-olds also showed effects of breakfast type. Younger children had better spatial memory and better auditory attention and girls exhibited better short-term memory after consuming oatmeal. Due to compositional differences in protein and fiber content, glycemic scores, and rate of digestion, oatmeal may provide a slower and more sustained energy source and consequently result in cognitive enhancement compared to low-fiber high glycemic ready-to-eat cereal. These results have important practical implications, suggesting the importance of what children consume for breakfast before school.
    ….
    The importance of breakfast for academic achievement is reflected in the effects of breakfast on cognitive performance [9] and [10]. Research suggests that skipping breakfast detrimentally affects problem solving [11], short-term memory [3], attention and episodic memory [12] in children. Conversely, when children consume breakfast performance is enhanced on measures of vigilance attention, arithmetic [13], problem solving tasks [14], and logical reasoning [15]. Further, research on confectionery snacks consumed by children in the morning indicated that long-term memory may also be affected by food consumption [16].”

    [3] N. Vaisman, H. Voet, A. Akivis and E. Vakil, The effects of breakfast timing on the cognitive function of elementary school students, Arch Pediatr Adolesc Med 150 (1996), pp. 1089–1092.

    [9] L. Dye and J.E. Blundell, Functional foods: psychological and behavioral functions, Br J Nutr 88 (2002) (Suppl 2), pp. S187–S211.

    [10] L. Dye, A. Lluch and J.E. Blundell, Macronutrients and mental performance, Nutrition 16 (2000) (10), pp. 1021–1034.

    [11] E. Pollitt, N.L. Lewis, C. Garza and R.J. Shulman, Fasting and cognitive function, J Psychiatr Res 17 (1983), pp. 169–174.

    [12] K.A. Wesnes, C. Pincock, D. Richardson, G. Helm and S. Hails, Breakfast reduces declines in attention and memory over the morning in schoolchildren, Appetite 41 (2003) (3), pp. 329–331.

    [13] C.K. Conners and A.G. Blouin, Nutritional effects on behavior of children, J Psychiatr Res 17 (1983), pp. 193–201.

    [14] E. Pollitt, R.L. Leibel and D. Greenfield, Brief fasting, stress and cognition in children, Am J Clin Nutr 34 (1981), pp. 1525–1533.

    [15] M. Marquez Acosta, R. Sutil de Naranjo, C.E. Rivas de Yepez, M. Rincon Silva, M. Torres and R.D. Yepez et al., Influence of breakfast on cognitive functions of children from an urban area in Valencia, Venezuela, Arch Latinoam Nutr 51 (2001) (1), pp. 57–63.

    [16] C.R. Busch, H.A. Taylor, R.B. Kanarek and P.J. Holcomb, The effects of a confectionery snack on attention in young boys, Physiol Behav 77 (2002), pp. 333–340.

    Hier is de link naar het hele artikel: http://archief.punt.nl/#269828

    Reply

  • Qabouter

    |

    Avatar van Qabouter
    @Mihai,

    Dan vind ik nog steeds je stukje te kort door de bocht. Het suggereert namelijk heel sterk dat al dit andere onderzoek naar voedsel en hersenfunctie onjuist is en dit ene onderzoek de waarheid weerspiegelt. Terwijl je juist in het geval dat verschillende onderzoeken elkaar tegen lijken te spreken, de methode en resultaten moet doorspitten en naast elkaar leggen.

    Dan kan je zien of er een logische verklaring te vinden is in methodologie of data-verwerking. Want wat je nu vertelt gaat over mensen-kinderen in verschillende leeftijdsgroepen die verschillende soorten ontbijt krijgen en daarna op verschillende cognitieve tests worden getracteerd.

    Het onderzoek dat aangehaald wordt betreft muizen en een hormoon dat bij honger-ervaring een rol speelt. Dit hormoon is niet het énige hormoon dat een rol speelt bij honger-ervaring. Dus de conclusie dat het overslaan van een ontbijt goed is bij een aanstaande cognitief zware ochtend, lijkt mij niet te passen bij de gedane experimenten.

    Ik zet op basis hiervan liever mijn geld op het bredere onderzoek op kinderen mét en zónder ontbijt. Dan op een context-arm hormoon onderzoek op muizen.

    Reply

  • Mihai

    |

    Avatar van Mihai
    Qabouter

    Ik heb mijn stukje nog een keer gelezen en ik zie nog steeds niet waar de suggestie wordt gedaan, die jij zegt dat het gedaan wordt. Dus de bewijslast ligt aan jou kant. Op wat baseer je je als je zegt dat mijn stukje “heel sterk [suggereert] dat al dit andere onderzoek naar voedsel en hersenfunctie onjuist is en dit ene onderzoek de waarheid weerspiegelt”?

    Reply

  • Qabouter

    |

    Avatar van Qabouter
    Mihai,

    Je begint al met de titel,’Honger goed voor je hersenen.’ Dat wekt al een suggestie. Dan volgt je inleiding.

    Tot nu toe toonden de wetenschappelijke experimenten dat een ontbijtloze ochtend tot sterk gereduceerde mentale capaciteiten leed. Volgens een nieuw onderzoek van Tamas Horvath en zijn collega’s bij Yale Medical School, heeft een hormon dat honger produceert, ook positieve effecten op geheugen en leren.

    Op zich inhoudelijk stel je niet direct dat het nieuwe onderzoek het oude weerlegt, maar je stelt in je titel dat honger goed is, vervolgens stel je dat ‘tot nog toe’ de experimenten het tegenstelde van de titel suggereren. En je vertelt dat nieuw onderzoek een verband tussen een honger hormoon en verbeterde hersenfunctie toont.

    Zo plaats je oude onderzoeken tegenover het nieuwe. Waarbij je vervolgens kort illustreert wat het experiment en de resultaten van Horvath waren.

    Dan besluit je met het citaat van de nogal onbeholpen conclusie van Horvath. Een conclusie die hij op basis van zijn experimenten geheel niet kan trekken.

    Dus je plaatst een bericht met een suggestieve titel, die vooral terugkomt in de conclusie van Horvath. Daarmee maak je in het korte bericht deze twee zaken de hoofd-boodschap. Titel en conclusie.

    De inleiding geeft focus op de (schijnbare)tegenstrijdigheid tussen oude research en de nieuwe resultaten. Waarbij je de nieuwe resultaten als titel hebt verheven en dus het meest waardevol maakt, volgens de regels van het ‘opstel/betoog’ schrijven.

    De meeste lezers zien dus vooral de titel en de conclusie en gebruiken de rest als informatie om te bevestigen dat je inderdaad het beste ontbijt kan overslaan. Als een bericht zoals jij nu geschreven hebt in de krant komt, hoor je bij de bakker, slager en kapper de mensen alweer vertellen dat je dús niet moet ontbijten. Zeker niet als je hard moet nadenken op werk.

    Het suggestieve zit hem niet in letterlijke tekst. Het zit hem in de opbouw van je stuk en de extreem korte beschrijving. Let wel, veel lezers klikken niet door naar links en zeker niet als ze dan verwezen worden naar engelstalige wetenschaps-sites.

    Reply

  • Mihai

    |

    Avatar van Mihai
    @Qabouter

    Ik kan het met je redenering mee leven. However, er is een verschil tussen een wetenschappelijk onderzoek en een (populair)wetenschappelijk journalistiek artikel. De titel van een journalistiek stuk is eerder prikkelend, dan doorslaggevend voor een stuk. Het is dus niet direct de ‘opstel/betoog’ stijl. Kijk bijvoorbeeld naar de titels in NewScientist, en vooral de titel van het betreffende stuk van nu: “Starve your stomach to feed your brain.” Er zit dus een bepaalde humor in deze titels en ze kunnen vooral met een korreltje zout genomen worden.

    Het tweede punt waar het fout is gegaan is het “tot nu toe”, wat eigenlijk twee betekenissen heeft. Als ik zeg “je hebt me niet gelogen tot nu toe” zou dat kunnen impliceren dat je me nu wel gelogen hebt. Als ik zeg “je hebt me tot nu toe niet gelogen, dus ik vertrouw je nu ook” is dat slechts een beschrijving van wat tot nu toe is gebeurd. Deze laatste betekenis was in mijn woorden, dus een beschrijving van het feit dat de wetenschappers en opvoeders tot nu toe op het belang van een goed ontbijt bleven hammeren. Maar kijk, zegt het stukje, nu krijgen we ook andere wetenschappelijke onderzoeken, die, in het licht van onze houding, verrassend zijn.

    Wat Horvath’s uitspraak betreft, ik heb het in het oorspronkelijke artikel met een knipoog gelezen, als de wetenschapper die in een interview een beetje uit wil dagen. Die uitspraak heb ik overgenomen en onderstreept dat het in strijd was met de gangbare wijsheid. Je hebt gelijk dat het als conclusie gezien kan worden, maar het was geen conclusie, zoals het ook geen conclusie was in het artikel in NewScientist, dat ook met dezelfde uitspraak eindigt. Journalistieke stukken eindigen vooral met een pakkende zin. Ze zijn niet verplicht om een conclusie te trekken, zoals de wetenschappelijke betogen.

    Conclusie: zelfs ben ik met je interpretatie eens, voel ik me niet schuldig.

    Reply

Leave a comment